Rose is 27 jaar en komt uit Nigeria. Zij is onlangs bij haar nieuwe Nederlandse partner komen wonen. Ze deed in het voorjaar van 2008 het basisexamen inburgering op de ambassade. Ze haalde op de Toets Gesproken Nederlands 43 punten. Vertaald naar de normering volgens de gangbare beoordelingen zou dat neerkomen op niveau A2. Let wel, de TGN is een toets waar alleen gesproken taal wordt getoetst. Schriftelijke vaardigheden worden niet beoordeeld. En de zwakheden van Rose liggen eerder op het terrein van gesproken taal (uitspraak), zoals bij veel West-Afrikanen het geval is. Zij heeft een voorliefde voor grammatica-oefeningen en een voorkeur voor en zij is beter in de schriftelijke taalvaardigheid, lezen en schrijven. Dus de score van 43 punten is eigenlijk behoorlijk hoog geweest.
Rose kwam in de nazomer van 2008 naar Nederland. Het duurde uiteindelijk van oktober 2008 tot januari 2009 tot Rose bij het ROC in Zeist terecht kwam. Lekker dichtbij haar huis. Zij was inburgeringsplichtig. De gemeente wist naar welke school Rose moest gaan. Rose tekende een contract.
De lessen bleken na twee weken niet geschikt voor Rose.
Zij kwam in de klas tussen oudkomers die met elkaar vooral in hun eigen taal spraken, of anders in slecht Nederlands kwekten en de sfeer bepaalden.
Zij moest de taal leren uit het te moeilijke boek Kom Verder, een boek dat bedoeld is als hulpmiddel bij het verwerven van Kennis van de Nederlandse Samenleving. Het is een leesboek, en geen boek dat helpt bij het leren van de taal. Dat staat ook in het boek zelf. Voor het leren van de taal bestaan tal van methodes.
Zij moet zich nu op het ROC voorbereiden op het inburgeringsexamen. Rose is een jonge intelligente vrouw die gezien haar vooropleiding en haar instelling de taal wil en moet leren. Zij wil en kan in Nederland op middelbaar beroepsniveau of hoger niveau werk vinden. Het inburgeringsexamen heeft niveau A2 en dat niveau is voor haar laag: zij kan dat niveau met een beetje taalonderwijs gemakkelijk halen. (Bij het examen op de ambassade heeft zij met haar score aangetoond dat het waarschijnlijk is dat zij op een hoger niveau kan eindigen).
Het inburgeringsexamen vraagt van een cursist het verzamelen van tal van tijdrovende "bewijzen" waaruit blijkt dat men de Nederlandse taal gebruikt (heeft). Dit verzamelen van bewijzen is met name bedacht voor laagopgeleiden en voor oudkomers: het zou een stimulans voor hen zijn om de deur uit te gaan... Voor Rose is het verzamelen van dergelijke taalbewijzen louter tijdverlies en meestal ook gênant.
Rose krijgt nu geen taalonderwijs, geen grammatica, ze heeft geen boeken gekregen om de taal te leren.
Rose heeft op school geklaagd. Haar is vervolgens verteld dat het verplicht is dat zij eerst het inburgeringsexamen gaat halen, en dat zij daarna eventueel nog verder kan studeren voor het Staatsexamen NT2. Dit verhaal is onjuist. Laten we er maar van uit gaan dat men op school niet goed op de hoogte is, want in het andere geval zou er gelogen zijn... Het halen van het inburgeringsexamen is niet verplicht.
De gemeente krijgt een vergoeding van het rijk voor iedereen die zij laat inburgeren. De gemeente en de school zetten gezamenlijk Rose op een cursus die een laag niveau heeft. Het halen van het examen op dat lage niveau is wettelijk voldoende: Rose zal dan hebben voldaan aan de inburgeringsverplichting. Ongetwijfeld denken gemeente en school aan één ding: dat geld voor die inburgering vangen we, want Rose gaat dat examen wel halen. Inderdaad: het niveau is zo laag dat het halen van het examen geen probleem zal zijn: met een minimale inzet van school en gemeente wordt het maximale geldbedrag dat voor de inburgering van Rose beschikbaar is, binnen gesleept.
Het is zeer de vraag of Rose na het halen van het inburgeringsexamen nog geld zal krijgen van de gemeente om een echte taalcursus te volgen.
Zij zal uiteindelijk voor die latere taalcursus 100% zelf moeten betalen. En dan heeft ze een jaar verknoeid. Ze heeft zinloze dingen geleerd. Zinvolle dingen heeft ze niet mogen leren op school.
Er zou een alternatief zijn (geweest): Rose had door gemeente en school op een echte taalcursus moeten worden geplaatst. Zij had dan bij mensen in de klas gezeten die beter bij haar passen. Zij had boeken gekregen om de taal te leren. In dat geval hadden de school en de gemeente zichzelf en Rose meer uitdaging kunnen bieden. Maar de school en de gemeente hebben niet gekozen voor uitdaging, zij hebben gekozen voor de makkelijkste weg... En die makkelijkste weg is zeker niet de beste weg voor de cursist.
1 opmerking:
Helemaal herkenbaar. We zochten een paar mnd geleden een goede NT2-cursus in de buurt voor mijn man. Via ROC werden we in contact gesteld met gemeente omdat er subsidie voor zou zijn. Mooi, dachten wij en in gesprek hebben we duidelijk aangegeven dat het puur gaat om Nederlandse taal en niet allerlei 'kennis van de samenleving' of andere inburgeringsonzin. Stamppot eten leert hij thuis wel en een formulier invullen werkt in de meeste talen wel hetzelfde... Na een paar lessen blijkt dat het aandeel taal zo klein en van zo laag niveau is dat hij z'n tijd daar verdoet. Maar er is een contract opgesteld om te zorgen dat hij dit jaar afmaakt, en ook nog een eigen bijdrage betaald! Erg frustrerend allemaal...
Een reactie posten